Augrabies en Kgalagadi trip (October 2026)

Een aantal maanden geleden zagen we een advertentie voor een trip naar de Kgalagadi Transfrontier Park. Dit is een van de grootste en meest indrukwekkende beschermde natuurgebieden ter wereld.

Maar het is ook een gebied dat je niet in je eentje moet verkennen en eigenlijk met een groepsreis mee moet gaan. De trip die we zagen was inderdaad in een groep met je eigen auto, maar dan wel een 4×4. Wij hebben geen 4×4 auto, dus dan moesten we er een gaan huren. Toen ik dat besprak met de reisorganisatie zeiden ze dat we ook met de gids mee mochten rijden. Dat was natuurlijk ook goed voor ons. De reis begon in de buurt van Upington, een stad aan de rand van dit gebied en voor ons 900 km naar het westen. Je kunt er naartoe vliegen, maar we besloten dit keer met onze eigen auto die kant op te rijden, maar dan in 2 dagen.

Zo vertrokken we op vrijdag 23 oktober, de echte trip begon op zondagochtend om 8 uur bij de Khamkirri Lodge in Kakamas. De eerste dag zijn we rond half negen vertrokken en eigenlijk is het één lange rechte weg (N14) naar het westen, tot we in de buurt van Kuruman bij de Red Sands Lodge aankwamen, en dat was rond half vier, en bijna 575 km verder. Het landschap werd steeds droger, waar er eerst nog landbouw was, was het laatste stuk al struikgewas.

De Red Sands Lodge was een mooie Lodge met ook goed eten. Bij de Lodge kwamen we ook al de eerste reisgenoten tegen. De week ervoor hadden we al via Whatsapp van iedereen de namen gehoord en waar ze vandaan kwamen. Het waren bijna allemaal Afrikaners die Afrikaans spreken. En we hadden al gehoord van 1 stel dat zij ook bij deze Lodge zouden overnachten. Ik had een foto van Whatsapp bekeken, maar in het echt waren ze een stuk ouder. Ze hadden al verteld dat ze echte overlanders waren. Een overlander is een reiziger die een lange, zelfvoorzienende reis maakt over land, waarbij de reis zelf het doel is en niet de bestemming. Overlanders reizen vaak door afgelegen gebieden en maken gebruik van speciaal uitgeruste voertuigen om weken, maanden of zelfs jaren zelfstandig te kunnen overleven. Het leek ons nogal gek dat deze met zo’n reis meegingen.

Ik had verteld dat wij geen 4×4 hadden en met onze gewone auto naar het hotel zouden afreizen. Ik kreeg al een bericht terug dat zij ervaren overlanders zijn en ze ons zouden helpen wanneer dat nodig is (in het Nederlands). Ik vroeg me af waarvoor, want ik heb ook wel behoorlijk wat reiservaring in Zuid-Afrika en dit waren allemaal verharde doorgaande wegen.

De volgende dag moesten we nog 350 km rijden, en allereerst zijn we nog gestopt bij een winkelcentrum om voor mij een zwembroek te kopen, die was ik namelijk vergeten mee te nemen.

Daarna hebben we in Upington de lunch gebruikt bij de Mugg & Bean, en het laatste stukje naar de Lodge gereden waar we rond 2 uur aankwamen, en met ons nog een aantal andere reisgenoten.

We blijven 2 nachten bij deze lodge en gaan morgen de Augrabies watervallen bezoeken, dat zijn grote watervallen in de oranjerivier. Ons chalet ligt ook aan de oranjerivier. Wel was het inmiddels een beetje warm, rond de 37 graden. De Oranjerivier is met 2160 km de langste rivier van Zuid-Afrika. De rivier wordt ook nog met de oude inheemse naam Gariep of Groot Rivier genoemd. De rivier is door de Nederlandse ontdekkingsreiziger Robert Jacob Gordon vernoemd naar het Huis Oranje-Nassau.

De echte trip begint morgen om 8 uur, wanneer we de gids ontmoeten. Die avond echter waren ook al onze medereisgenoten al in de Lodge en hebben we al kennisgemaakt en samen gegeten. Onze gids ontbrak echter nog. En wat bleek de volgende ochtend. Hij had pech gehad met zijn auto (startmotor stuk) en was nog tot laat in de avond bezig geweest om een andere auto te regelen.

Dag 1 van de groepsreis: de volgende ochtend echter was hij wel bij het ontbijt en heeft hij verteld om hoe we de komende dagen gaan doorbrengen. De eerste dag blijven we in de buurt van de lodge en gaan we warmwaterbronnen en Augrabies Falls bezoeken, met aan het eind ook een bezoek aan een wijnboerderij met wijnproeverij.

We zouden om 7 uur ontbijten en dan om 8 uur het verhaal van de gids aanhoren, maar de Lodge was zo langzaam met het brengen van het ontbijt dat het praatje tijdens het ontbijt gedaan is. De gids heeft ook eerst van alles uitgelegd over bandenspanning (gravelweg en zand betekent een lagere bandenspanning) en in welke volgorde we zouden rijden (en dat bleef hetzelfde de hele trip). Daarnaast kreeg iedere auto een radio zodat de gids onderweg iets kon vertellen en aanwijzingen geven. Wij reden met de gids mee in een ‘bakkie’. Normaal had hij een Toyota Landcruiser Prado (uit 2009), maar dit was nu zijn huurauto.

Rond 9 uur zijn we vertrokken richting Riemvastmaak, waar een warmwaterbron was. Het laatste stukje naar de bron was een scherpe afdaling met slecht wegdek, maar iedereen is heelhuids aangekomen. De warmwaterbron was niet erg groot, maar het water was inderdaad warm. De plek zelf was wellicht ooit goed onderhouden, maar nu duidelijk niet meer.

Daarna zijn we naar de Augrabies watervallen gereden, dit is een waterval in de oranjerivier. Na een bezichtiging van de watervallen hebben we daar ook de lunch gebruikt (in het restaurant). We hadden vooraf instructies opgegeven voor glutenvrij, maar toch kreeg Tineke op haar bord gefrituurde uienringen. Gelukkig lagen ze niet op het vlees, dus konden we ze nog weer van het bord halen.

Daarna zijn we weer richting Kakamas gereden en een wijnboerderij bezocht. We konden allemaal 4 wijnen uitzoeken om te proeven, maar je kreeg vervolgens 5 glazen met een beetje wijn, zonder verdere uitleg en vaak wist je ook niet welke welke wijn was. Een beetje apart en tijdrovend. Ze hadden beter 5 wijnen kunnen uitzoeken en die iedereen laten proeven en erover vertellen.

Die avond waren we weer in Khamkirri Lodge en hebben we daar gezamelijk gedineerd.

Dag 2: vandaag vertrekken we echt naar de Kgalagadi. We kunnen de verharde weg van Upington naar Asham nemen, maar omdat we allemaal 4×4 hebben, rijden we een gravelweg wat meer naar het westen die door boerenland gaat. We volgen daarbij min of meer een rivierbedding. Het regent hier bijna nooit, maar een aantal weken geleden had het geregend en daardoor was alles groen. Volgens onze gids Alan gebeurd dat bijna nooit. En we kwamen inderdaad nog langs een plek waar water stond.

Onze eerste stop was bij een camping/lodge, waar we onze meegebrachte lunch hebben opgepeuzeld. En na de lunch was er even een 4×4 route met steile klim, waar iedereen mocht proberen boven te komen.

We hebben ook nog een korte stop gemaakt in Noenieput, een van de weinige dorpen die we onderweg tegenkwamen. Het tankstation was ook gelijk de winkel van sinkel, je kon er nagenoeg alles kopen, inclusief etenswaren Daarna hebben we nog een stop gemaakt bij een meerkat opvang. Het blijkt dat er een grote illegale handel in deze dieren is. De mensen houden deze dieren als huisdieren, maar komen er na een tijdje achter dat ze gaan bijten en willen er dan vanaf. Zij vangen al deze in beslag genomen dieren (er worden er ook veel onderschept) op en proberen ze weer in groepen te laten leven en in het wild uit te zetten. De sociale structuur van een groep is echter complex en daarom lukt het ook niet altijd.

Aan het eind van de dag heeft iedereen dan getankt in Asham, het laatste dorp voor de ingang van het Kgalagadi Transfrontier park. Daarna zijn we naar onze lodge gereden, die een paar km voor de ingang van het park lag. De lodge had allemaal individuele huisjes en een restaurant. Die avond hebben we daar ook gegeten.

Dag 3: de volgende ochtend moesten we vroeg op, om half zeven ontbijten en dan rond 7 uur bij de ingang van het park. Dat lukte ook min of meer, zelfs met een groep met 10 auto’s.

De toegang is net als bij ieder ander park in Zuid-Afrika, iedere dag een formulier invullen en dan naar de receptie en een exit-pas te krijgen. Omdat wij een wildcard hadden, was het voor ons gratis, maar niet iedereen had een wildcard. Normaalgesproken hoeven we nooit onze paspoorten te laten zien, maar dit keer wilde ze zelfs kopieen van onze paspoorten maken. Na enig oponthoud door de vele auto’s in de groep konden we dan eindelijk het park inrijden. Deze dag zouden we in de richting van MataMata gaan rijden (westelijk), de volgende dag richting Nossob (oostelijke weg). Dit zijn de 2 enige wegen in het park vanaf deze kant, in Zuid-Afrika. Je kunt echter ook gelijk Botswana ingaan, maar dat hebben wij niet gedaan. We rijden beide keren maar tot ongeveer halverwege, want het is te ver om helemaal naar deze restcamps te rijden en ook nog weer terug. We slapen namelijk die avond weer in dezelfde lodge.

Onderweg zagen we vooral Oryx, springbok en struisvogels, de laatste regelmatig ook met kuikens, van heel klein tot al behoorlijk groot. De grootste groep kuikens die we gezien hebben was 37, maar gemiddeld genomen bereikt maar 15% de volwassen leeftijd.

Struisvogel met jongen

We zagen ook meerdere keren meerkatten en grondeekhoorns, ze zijn makkelijk met elkaar te verwarren, maar toch ook duidelijk verschillend

Toen we bij 2 stilstaande auto’s kwamen, vertelde men ons dat er verderop de helling een luipaard lag. Tineke had deze met de verrekijker vrij snel gevonden, maar zowel ik als de gids zagen deze niet. Het was inmiddels bijna middag en we zijn nog een stukje verder gereden en hebben op een picknickplaats de meegebrachte lunch gebruikt. Daarna zijn we weer teruggereden en bij het luipaard aangekomen hebben we weer gezocht. Uiteindelijk hebben we het luipaard ook gevonden, hij lag goed verborgen in de schaduw en was maar moeilijk te ontdekken. Een aantal mensen in de groep hebben deze nooit gezien en daarom heb ik de avond mijn foto in de whatsapp groep gezet, met daarna een ingezoomde foto, want op de originele foto is het nog behoorlijk zoeken. Hieronder de bovenste foto’s zonder inzoomen en ingezoomd eronder. Aan de rand van de schaduw zie je het luipaard, en er is zelfs een tweede zichtbaar die half achter het gras op de voorgrond ligt.

En nu met maximaal inzoomen

Op de heenweg hadden we van rangers gehoord dat er onderweg ook leeuwen zouden zitten, maar die hadden we niet gezien. Op de terugweg echter lag er een leeuw aan de rand van de weg te slapen en zagen we deze dus wel. Er zouden er 2 zijn, maar de tweede hebben we niet gevonden.

Toen we weer bijna bij de ingang waren, zijn we nog even een klein stukje richting Nossob gereden en we hadden geluk, daar lag nog een mannetjesleeuw die ook nog even ging staan, en in de buurt zagen we ook nog een jakhals, eerst alleen de oren, maar later op de rest.

Hieronder nog een impressie van andere dieren die we gezien hebben

We waren weer op tijd in de Lodge, want die avond zouden we nog een 4×4 route rijden en de zonsondergang bekijken in de duinen, met wijn en kaas. Rond half zes zijn we weggereden en hebben de chauffeurs even kunnen proeven aan het rijden in los zand. Op een duin hebben we dan wijn en kaas geproefd en de zonsondergang aanschouwd. Na het terugrijden hebben we gedineerd en zijn we op tijd naar bed gegaan, want we moesten weer dezelfde tijd op de volgende dag.

Dag 4: Na een snel ontbijt kwamen we erachter dat men onze lunchpakketten vergeten was (Ze waren wel besteld). Velen hadden nog genoeg te eten bij zich, en degene die dat niet had heeft nog even wat gekocht in de shop bij de Lodge (zoals wij ook). Met een klein beetje vertraging zijn we zo weer richting het park gereden en weer op dezelfde manier het park binnengegaan. Het is bijna niet voor te stellen dat Sanparks niet iets kan verzinnen waardoor je je niet iedere dag opnieuw hoeft in te schrijven als je het park meerdere dagen bezoekt. Daarna zijn we de weg richting Nossob opgereden.

Allereerst hebben we weer gezocht naar de leeuw die we dag ervoor hadden gezien, maar die zagen we helaas niet. Een eindje verder stond een auto stil, maar toen we aankwamen, reden ze weer weg. Maar toen we goed keken, zagen we vlakbij een Afrikaanse wilde kat. Dit beest lijkt sprekend op een een huiskat, maar het is toch echt een wilde kat. Deze hadden we nog nooit gezien, dus daar waren we erg blij mee, en zeker toen we een eindje verder er nog een zagen in een boom.

We reden weer een heel stuk door de rivierbedding, maar voor een lang stuk zagen we weinig tot geen dieren. We hebben ergens halverwege Nossob onze geimproviseerde lunch gegeten. Toen we deze bijna ophadden, kwam de eigenaar van de lodge ons achterop om ons toch nog de lunch te brengen. Helaas was dat echter te laat, maar we hebben deze wel in ontvangst genomen en later weggegeven bij de volgende lodge om uit te delen. Op de terugweg hebben we ook niet veel bijzonders meer gezien, behalve de gebruikelijke dieren.

Wel zagen we nog een groep leeuwen in de schaduw liggen:

En een impressie van andere dieren die we zagen:

We sliepen nu in een lodge wat dichter bij Asham, omdat we daar die avond een maaltijd zouden nuttigen van de plaatselijke bevolking (de bosjesmannen). En tegelijkertijd kregen we dan nog wat uitleg van een lokale gids (Yster). Uiteindelijk stelde het niet erg veel voor, en het eten was erg basis, aardappelen met schapenvlees, wortelsalade en kikkererwtensalade. En voor Tineke was er vegetarisch eten, want glutenvrij werd verward met vegetarisch.

Daarna zijn we weer teruggereden naar de lodge. De volgende ochtend was ons ontbijt wat later, daarna zouden de eerste mensen ons verlaten en de rest zou gezamenlijk terugrijden naar Upington, waar we dan afscheid zouden nemen. Onze gids zou ons dan terugbrengen naar Khamkirri, waar we onze auto hadden achtergelaten.

Dag 5: Na een gezamenlijk ontbijt namen de eerste mensen afscheid (zij bleven in het park) en met de rest van de groep zijn we gezamenlijk teruggereden naar Upington. Na een korte stop bij de Mugg & Bean en afscheid aldaar, zijn we met onze gids naar de Lodge gereden, waar zijn eigen auto inmiddels klaar stond, hij was gerepareerd. Daarna zijn we met de gids terug naar Khamkirri gereden, waar onze auto stond. Wij bleven daar nog een nacht logeren, maar onze gids ging terug naar Springbok, dat nog ruim 200 km verder naar het westen ligt.

De temperatuur was die dag weer 40 graden, dus niet uitnodigend tot veel activiteit. Wij hebben de rest van de middag in ons chalet doorgebracht (met airco), buiten was het te warm. ‘S avonds hebben we in de lodge gegeten.

De volgende ochtend hebben we na het ontbijt de terugweg aanvaard. We sliepen nog 1 nacht onderweg (in de buurt van Vryburg). We kwamen rond half vier bij de Lodge aan, het was een safari Lodge, dus er liepen ook wilde dieren rond de Lodge (maar geen gevaarlijke).

De volgende ochtend zijn we verder gereden richting huis. Na een lunch stop in Potchefstroom en boodschappen in de supermarkt waren we om ongeveer 15 uur weer thuis.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *