Koen en Rinse hadden vorig jaar tijdens hun bezoek aan Kaapstad de Tafelberg beklommen. Wij waren al wel eens boven geweest, maar nog nooit te voet. We hadden daarom het plan dit ook nog eens te doen en oorspronkelijk stond dit al in maart op de planning. Door het overlijden van pa kon dit toen niet doorgaan, maar we hadden nu voor de laatste volle week van september gekozen. Het is dan meestal nog niet al te warm, maar de kans op regen is al behoorlijk lager. In tegenstelling tot Pretoria valt de meeste regen in die regio in de winter en is de zomer vooral droog.
Wij hadden een volle week wandelen gepland, waarbij we eerst een aantal dagen in Hermanus zouden verblijven en dan richting Kaapstad voor de beklimming van de Tafelberg.
Op zaterdag zijn we naar Kaapstad gevlogen en vervolgens met een huurauto richting Hermanus gereden. Dat is ongeveer 1,5 uur rijden. Hermanus is vooral bekend vanwege de vele walvissen die er in de baai zwemmen. We hadden deze tijdens eerdere bezoeken al wel gezien, maar er is een kustpad waar je vaak walvissen vanaf de kant kunt zien.
We hadden een appartement geboekt dat 100 meter van de kust lag en dicht bij de nieuwe haven. Het was een mooi appartement met alle voorzieningen. Alleen het wisselen van de handdoeken gebeurde niet en daar moesten we na 2 dagen voor bellen.
Na de aankomst op zaterdag zijn we al even naar het kustpad gelopen en vervolgens hebben we ’s avonds in het centrum gegeten.

De volgende ochtend zijn we naar het begin van het kustpad gelopen (dat was dichtbij) en vandaar hebben we het hele kustpad afgelopen (ruim 9 km) en vandaar weer terug. Het kustpad gaat van de nieuwe haven naar het centrum en vandaar verder langs de baai. Op de terugweg hebben we in het centrum de lunch gebruikt. Helaas had ons favoriete restaurant (van de vorige bezoeken) geen plaats, maar er was genoeg andere keuze. We hadden ook al snel de eerste walvis gezien, en gedurende de wandeling hebben we er meerdere gezien. In totaal hebben we die dag ongeveer 20 km gewandeld. Hieronder een impressie van de wandeling:






















De volgende dag wilden we wat meer de bergen in. Direct aan Hermanus grenst een mooi natuurreservaat, Fernkloof nature reserve. We hadden een wandeling uitgekozen naar de Galpin hut, die op ongeveer 500 meter hoogte lag. De toegang was gratis en de auto kon je bij de bezoekerscentrum parkeren. Vandaar zijn we omhoog gelopen en uiteindelijk kwamen we ook bij de Galpin hut aan. Je moet je er niet teveel van voorstellen, het was een verlaten hut bovenop een berg:

De weg ernaar toe was echter mooi, met veel unieke planten die karakteristiek zijn voor het zogenaamde Fynbos. Het was ook aangenaam wandelweer, niet al te warm en er stond een lekker briesje. In totaal hebben we ongeveer 11 km gewandeld, met een hoogteverschil van ongeveer 500 meter. Hieronder een impressie van de wandeling:
























De volgende dag wilden we opnieuw wandelen, we waren in voorbereiding op de beklimming van de Tafelberg. Ik vond een ander natuurgebied waar je ook kon wandelen, het Kogelberg natuurreservaat. Je kon er omhoog naar de Perdeberg, maar ook een kortere wandeling maken. Waar de vorige dag nog wel enkele wandelaars tegenkwamen, waren we hier helemaal alleen. De wandeling ging gestadig omhoog riching de kloofnek (het hoogste punt van de kloof). Het was een stuk warmer en benauwder dan de dag ervoor. De eerste klim ging naar het klipspringer plateau, en vandaar naar de kloofnek. Door de warmte was het een stuk zwaarder dan de dag ervoor, maar uiteindelijk kwamen we toch bij de kloofnek aan, een klim van ruim 400 meter. Daarna konden we langs een andere helling terug. Uiteindelijk kwamen we vlak voor we terug waren bij het beginpunt 2 andere wandelaars tegen. Het landschap onderweg was min of meer hetzelfde dan de dag ervoor, weer fynbos. In totaal hadden we ruim 7 km gewandeld. Een impressie van de wandeling zie je hieronder:



















We waren rond de middag over en wilden graag nog eens in ons favoriete restaurant in Hermanus eten. Daarom hebben we eerst gebeld en gereserveerd, we moesten tenslotte nog een half uur terugrijden naar Hermanus. Dit restaurant is direct aan het water en als je geluk heb, kun je vandaar ook walvissen zien. En we hadden geluk, we zagen een walvis dichtbij en ook verder weg zagen we walvissen. Vaak zie je niet meer dan een bovenkant of een staart, maar we hebben ook een paar keer een walvis uit het water zien springen. Dit gaat echter zo snel dat je deze bijna nooit op de foto vast kunt leggen. De meeste walvissen aldaar zijn Southern Right Whales, die hier met hun jongen komen en in de zomer richting Antarctica gaan. Daarnaast kun je ook regelmatig Humpback Whales zien (Bultruggen). Hieronder een paar foto’s, maar meestal zie je niet zoveel op de foto:




De volgende dag zouden we richting Kaapstad gaan en zat ons verblijf in Hermanus er al weer op. Dit was ook een rustdag voor ons, want de planning was op donderdag de Tafelberg te beklimmen, als het weer het toeliet. Het wil nogal eens mistig zijn rond de Tafelberg en ook kan er veel wind staan. In dat laatste geval gaat de kabelbaan niet, maar daar zouden we geen last van hebben, als we ook weer te voet gaan afdalen.
We hadden een verblijf in Camps Bay geboekt, dit is eigenlijk net aan de andere kant van de Tafelberg, maar wel aan de kust en met een strand. Vandaar kun je direct de berg oplopen, en ook is het niet ver van de kabelbaan.
We zijn een heel stuk langs de kust gereden en allereerst naar Betty’s Bay. Boulders Beach is een zeer bekende plaats in Zuid-Afrika, omdat daar Afrikaanse pinguïns te zien zijn, maar deze kun je ook in Betty’s Bay zien. Boulders Beach is erg toeristisch, en we hopen dat Betty’s Bay wat minder toeristisch is. En daar aangekomen blijkt het inderdaad zo te zijn. Er waren niet veel mensen. En is een steiger aangelegd om dichter bij de pinguïns te kunnen komen en daarvoor moet je toegang betalen. Wij hebben echter een wildcard voor de Zuid-Afrikaanse nationale parken en kunnen daarmee gratis naar binnen. En inderdaad zijn er genoeg pinguïns te zien, maar ook andere vogels en weer klipdassen. We zien ook groepen Kaapse aalscholvers op de rotsen broeden. Hieronder een impressie:























Daarna zijn we verder gereden langs de kust, met regelmatig mooie uitzichten over zee of de bergen. Uiteindelijk kwamen we in Muizenberg aan. Dit is een plaatsje aan de zuidkust, net ten zuiden van Kaapstad. Hier hebben we onze zelfgemaakte lunch opgegeten en zijn vervolgens verder gereden richting Camps Bay aan de West-Atlantische kust. Uiteindelijk kwamen we rond 3 uur bij ons appartement/studio aan. De eigenaar ontving ons en we kregen uitleg over alle beveiligingen alhier. Allereerst was er een poort, dan werd de binnenplaats bewaakt met een alarm en vervolgens nog weer een beveiligde deur richting ons appartement. En daar zat de deur ook nog weer op slot. Naar ons idee is dit een beetje paranoia. Om binnen te komen moest je dus eerst door een beveiligde poort, het alarm op de binnenplaats afzetten, de volgende beveiligde deur door, het alarm van de binnenplaats weer aanzetten en vervolgens de deur van het appartement met een sleutel openen. En om buiten te komen precies hetzelfde.
Ons appartement was modern ingericht en vrij nieuw. Het strand en de boulevard was ongeveer 800 meter verwijderd, dus die avond zijn we naar de boulevard gelopen om aldaar in een restaurant te eten. Het nadeel was wel dat de terugweg omhoog ging, maar het was goed te doen.
Er was een beetje mist die van zee kwam drijven, maar het was niet dat de Tafelberg onzichtbaar was. We konden zelfs het boven-station van de kabelbaan vanuit ons appartement zien.

De volgende ochtend was het weer goed, een beetje mistig en niet al te warm. We besloten daarom op pad te gaan. Vanuit ons appartement de klim beginnen zou een extra wandeling door Camps Bay van 45 minuten betekenen, en daarbij de hele tijd omhoog lopend. Een Uber heeft ons daarom naar het officiële beginpunt van de wandeling aan de rand van Camps Bay gebracht. Dat koste maar liefst R50, oftewel 2,50 euro.
De kortste route de Tafelberg op loopt aan de kant van Kaapstad en dicht bij de kabelbaan. Deze hebben Koen en Rinse gevolgd, maar volgens hen is het vooral traplopen en erg druk. Wij hopen dat de route die wij gaan volgen iets minder steil, maar ook iets langer is. Bij het begin kunnen we in ieder geval het kabelbaan station zien, met een beetje nevel er omheen.

Het begin van de klim was goed te doen, maar al snel werd het behoorlijk steil en af en toe klauteren over de rotsen. Er waren wel meer mensen op de route, maar niet hordes zoals aan de andere kant. En de klim bleef maar doorgaan, ruim 1,5 uur voor we bij een wat vlakker stuk kwamen. En vlakker betekent in dit geval minder steil. Daarna begon het tweede deel van de klim via Echo Valley naar het India Venster. Het was zwaar, maar uiteindelijk kwamen we ook daar aan. Vandaar zie je de top (het kabelbaan station) liggen en is het nog een kleine klim. Het werd ook drukker en bij het kabelbaan station was het erg druk, ook al omdat het een vrije dag in Zuid-Afrika was (Heritage Day). Hieronder een impressie van de wandeling omhoog:

















Boven heb je ook een prachtig uitzicht op Kaapstad en de haven:




We hadden net voor we in de drukte kwamen al de zelfgemaakte lunch gegeten. Bij het kabelbaan station konden we echter het toilet gebruiken en ook water kopen. We hadden 3,5 liter water meegenomen, maar dat was bijna op. We hadden bijna 4 uur over de klim gedaan en ongeveer 1000 meter geklommen. We wilden nu ook te voet weer omlaag (alternatief was de kabelbaan), maar dan de route die Koen en Rinse ook gelopen hadden via het India venster en de Platteklip Gorge. Deze route is een stuk korter en vandaar kunnen we met een Uber terug naar Camps Bay. Wel is de route een stuk drukker, wat ook te zien is op de foto hieronder. Er liepen voortdurend mensen, omhoog en omlaag. Het waren inderdaad trappen, maar de tredes waren soms erg hoog, wat de afdaling vermoeiend maakte, zeker na de klim die we al gedaan hadden. Maar uiteindelijk kwamen we, met enkele rustpauzes, toch heel beneden aan. De afdaling was een stuk korter, maximaal 3,5 km en bijna 700 meter omlaag. In totaal hadden we daardoor ongeveer 10 km gewandeld, met 1000 meter omhoog en ongeveer 700 meter omlaag. Beneden aangekomen hebben we weer een Uber terug naar ons appartement genomen.





Die avond zijn we niet naar een restaurant beneden gelopen, maar hebben de auto genomen. We zagen het niet meer zitten nog eens omhoog te lopen. En de volgende dagen hadden we allebei spierpijn van het klimmen en dalen.


De volgende dag hadden we een rustdag en hebben we even in Kaapstad rondgekeken (Waterfront). Vanuit Camps Bay is het maar 20 minuten naar het Waterfront, het toeristische centrum van de stad.


Daarna hebben we bij een Italiaan geluncht die goede glutenvrije pizza’s had (aanbevolen door Rinse). De rest van de dag hebben we geluierd in het appartement en die avond hebben we lekkere vis gegeten in de Cobfather, een restaurant in Camps Bay waar je de vis aanwijst die je wilt eten en die dan voor je gebakken wordt. Die avond lukte het teruglopen weer wel, alhoewel we nog steeds wel spierpijn hadden, vooral van het afdalen. We zijn ook nog even op het strand geweest, met weer een mooi uitzicht op de Tafelberg:




Op zaterdagochtend zijn we dan met de huurauto teruggereden naar het vliegveld van Kaapstad en weer richting Johannesburg gevlogen.
Dit waren onze verblijfsplaatsen:
